Maandag 1 mei: De heer van Rens: “Hoe worden gewone mensen oorlogsmisdadigers”.

Op maandag 1 mei gaf de heer van Rens de lezing. “Het was een pittige, maar wel goede lezing. De heer van Rens gaf uitleg n.a.v. diverse wetenschappelijke onderzoeken, uitgevoerd in de 90er jaren . Hieruit kwam naar voren dat slechts 10% procent van de mannelijke bevolking aangeeft niet mee te willen doen aan oorlogshandelingen. 90% doet wat opgedragen wordt. Uit onderzoek blijkt dat kameraadschap belangrijk is en respect en compassie voor de leider. Ook het feit dat er weinig invloed van buitenaf beschikbaar is, om hen te corrigeren. Ook indoctrinatie , waarom dit moet gebeuren, speelt een rol. Daarom zijn ze dan bereid om de onmogelijkste opdrachten uit te voeren.

Het onderzoek is gebaseerd op het Reserve Politie Bataljon 101 van de Duitse Ordepolitie uit Hamburg. Het zijn doodgewone mannen, meest arbeiders en middenstanders, brave huisvaders, die zich bij de politie hadden aangemeld om niet naar het front te hoeven. De groep (waarvan dus 10% niet mee ging omdat ze weigerden) werd overgeplaatst naar Polen en ontving daar de opdracht alle 1800 joden (mannen, vrouwen en kinderen) uit een klein dorpje te vermoorden. Men liet de joden zelf de greppels graven, waarna ze werden neergeschoten en in de greppels terecht kwamen. Dit bataljon en andere politiebataljons trokken van dorp naar dorp. Uiteindelijk zijn op deze manier 83.000 joden om het leven gebracht.

Na afloop waren alle 32 luisteraars diep onder de indruk van deze zeer interessante lezing.